Er zijn nog te weinig dieren die in Nederland volledig volgens alle zes principes van een dierwaardige veehouderij worden gehouden. Dat blijkt uit een inventarisatie in opdracht van de Dierenbescherming en Caring Farmers. Hoewel verschillende keurmerken en concepten al goed op weg zijn, is het complex om aan alle eisen te voldoen.
‘Nulmeting’
Binnen het convenant ‘Stappen naar een Dierwaardige Veehouderij’ werken de Dierenbescherming en Caring Farmers aan het bereiken van een eerste tussendoel: in 2030 moet 10% van de Nederlandse consumptie van dierlijke eiwitten van dierwaardige boerderijen komen. Deze ‘nulmeting’ laat zien dat het nog een grote uitdaging is om het doel te bereiken.
Lees het hele rapport over de nulmeting
In de nulmeting is een lijst dierenwelzijnskeurmerken en diervriendelijkere concepten vergeleken met een lijst indicatoren voor dierenwelzijn, opgesteld door de Dierenbescherming en Caring Farmers. Deze indicatoren (hierna KPI’s genoemd) zijn opgesteld op basis van wetenschappelijke kennis over dierenwelzijn, en vormen een concrete stip op de horizon waar de Dierenbescherming en Caring Farmers naartoe willen werken.
Markt volledig dierwaardige producten nog erg klein
Uit de nulmeting blijkt dat de markt voor volledig dierwaardige producten nog erg klein is, en dat er veel moet gebeuren om de 10% in 2030 te behalen.
De meting geeft inzicht in hoe verschillende keurmerken en concepten al werken aan een dierwaardige veehouderij. Sommige keurmerken, zoals Beter Leven keurmerk 3 sterren en biodynamisch, voldoen al voor een belangrijk deel aan de KPI’s, en sommige individuele concepten zoals Kipster en Zonvarken scoren nog wat beter. Door de markt voor deze keurmerken te vergroten, en boeren te ondersteunen die volgens deze keurmerken (willen gaan) werken, kunnen meer dieren dierwaardiger gehouden worden.
Enkele segmenten, zoals de buitenvarkenshouders, voldoen in de praktijk waarschijnlijk aan veel KPI’s maar hebben dat niet vastgelegd in een keurmerk. Dat komt omdat de kosten voor deelname aan een keurmerk vaak te hoog liggen of omdat de regels niet volledig aansluiten bij dit soort ‘afwijkende’ bedrijven. Voor dit soort bedrijven kan gekeken worden naar het opzetten van een nieuw keurmerk of andere manieren om de stappen die zij zetten te borgen en zichtbaar te maken richting consumenten.
Werkprogramma richting 2030
De Dierenbescherming en Caring Farmers hebben een gezamenlijk werkplan opgezet om richting 10% dierwaardigheid in 2030 te kunnen bewegen en zoeken hierbij samenwerking met de overheid en marktpartijen. Zo willen we werken aan het wegnemen van remmende regelgeving voor koplopers, meer mogelijkheden om dierwaardige producten onder de aandacht van de consument te brengen en opschaling van dierwaardige concepten in samenwerking met supermarkten en andere afzetkanalen.
De meting is uitgevoerd door Connecting Agri & Food en Wageningen Social and Economic Research, betaald door het ministerie LVVN en uitgevoerd voor de werkplaats Dieren in Natuurlijke Systemen. Deze werkplaats is onderdeel van de uitvoeringsagenda van het convenant Stappen naar een Dierwaardige Veehouderij dat in 2025 is ondertekend door dierlijke sectoren, overheid, markt- en ketenpartijen, Caring Farmers en de Dierenbescherming. Het is de bedoeling deze meting regelmatig te herhalen, om de voortgang op deze doelen te monitoren.